Participanten
drs. W. Kroeze, dr. E. de Vet, dr. A. Oenema, prof.dr. J. Brug van het Instituut Maatschappelijke Gezondheidszorg, Erasmus MC Universitair Medisch Centrum Rotterdam. Contactpersonen: Beweging: Emely de Vet – e.devet@erasmusmc.nl; Voeding: Willemieke Kroeze - w.kroeze@erasmusmc.nl
Periode
1 april 2003 – 1 april 2007
Sponsor(s)
ZonMW
Doelen
Hoewel veel mensen van plan zijn wat aan hun gezondheid te doen, bijvoorbeeld door minder vet te eten of door meer te gaan bewegen, worden deze positieve plannen vaak niet vertaald in gezond gedrag. Het maken van specifieke actieplannen waarin wordt vastgelegd wat, wanneer, en waar men gaat veranderen (de implementatie intenties), lijkt effectief in het overbruggen van dit zogenaamde intentiegedrag gat. Deze implementatie intenties (II) zijn echter met name onderzocht voor eenvoudige gedragingen en er is dan ook nog weinig bekend in hoeverre het formuleren van implementatie-intenties succesvol kan zijn in het aanpakken van meer complex gezondheidsgerelateerd gedrag. In dit project onderzoeken we de mogelijkheden van II om intenties in gedrag om te zetten voor complex gezondheidsgerelateerd gedrag, namelijk voeding en beweging, uiteindelijk gericht op de preventie van gewichtsstijging en overgewicht.
Methoden
Er worden twee gerandomiseerde gecontroleerde trials uitgevoerd, één voor bewegen en één voor voeding.
Beweging: Deelnemers (18-65 jaar), die via kranten en bedrijven waren geworven, werden willekeurig aan één van de vier onderzoeksgroepen toegewezen (1-eenmalige II voor een zelfgekozen activiteit, 2- herhaalde II voor een zelfgekozen activiteit, 3-eenmalige II voor wandelen, 4-controlegroep, geen II). Aan het einde van de voormetingsvragenlijst, werden alle deelnemers gevraagd om tenminste twee uur per week meer te gaan bewegen. De deelnemers in de II groepen werden gevraagd op te schrijven 1) welke activiteit zij wilden gaan doen, 2) wanneer, namelijk op welke dag(en) en gedurende welk moment op de dag (bijv. voor of na het werk) ze de activiteit wilden doen, 3) waar ze die activiteit wilden doen (bijv. In het park) en 4) hoe lang ze de activiteit gingen doen.
Deelnemers in de II voor wandelen groep, vulden de vragen specifiek voor wandelen in. Deelnemers in de herhaalde II groep, werden op drie momenten gevraagd implementatie intenties te formuleren, terwijl de andere II groepen slechts eenmaal deze specifieke actieplannen maakten. Twee weken, drie en zes maanden na de voormeting vonden nametingen plaats. Op alle meetmomenten werden cognities, intenties en beweging (met behulp van de SQUASH) nagevraagd
Voeding: Deelnemers (18-65 jaar) die gemotiveerd zijn om iets aan hun gewicht te doen door middel van veranderingen in hun voeding zijn geworven via twee organisaties. De interventie bestaat uit een advies-op-maat programma gericht op het verminderen van energie-inname. In het 1e deel van het programma worden de belangrijkste energiebronnen in de voeding van de deelnemers geïdentificeerd. In het 2e deel van het programma worden deelnemers random toegewezen aan één van de vier experimentele condities (1- II om calorierijke producten te verminderen; 2- II om calorierijke producten te vervangen door caloriearme producten; 3- II om consumptie van caloriearme producten te verhogen; 4- controlegroep, geen II). In de II groepen krijgen de deelnemers de opdracht om te beslissen en op te schrijven welk product in hun voeding zij willen veranderen, en waar en wanneer zij deze veranderingen uit willen voeren. Nametingen vinden 4 weken, 3 maanden en 6 maanden na de interventie plaats. Lichaamsgewicht en lengte, middelomtrek, lichaamsbeweging, energie-inname en psychosociale variabelen zijn gemeten op de voormeting en de nametingen.
Resultaten
Beweging: de data zijn verzameld. De analyses en rapportage van de resultaten zullen in 2006 plaatsvinden.
Voeding: de data worden begin 2006 verzameld.